Veel mensen rekenen stiekem al vooruit op hun AOW, terwijl de cijfers voor volgend jaar nog niet eens vaststaan. Toch staan de verwachtte AOW bedragen in 2027 wel al bekend. Zo krijg je nu al een goed beeld van wat je te wachten staat. Je koopkracht hangt er voor een groot deel van af, dus waarom zou je er nog niet rekening mee houden?
AOW-bedrag 2027: dit weet je al zeker
De officiële bedragen voor 2027 maakt de Sociale Verzekeringsbank normaal pas eind september 2026 bekend. Een eerste inschatting kan gedaan worden rond Prinsjesdag. Toch kun je nu al goed inschatten waar je aan toe bent. Zo houdt aow.nu de ontwikkelingen bij door naar voorgaande jaren te kijken. Je kunt dus wel al een kijkje nemen naar de verwachtte AOW bedragen in 2027 om voor jezelf te weten waar je staat. Als basis geldt het bedrag dat sinds 1 juli 2026 wordt uitbetaald. Dat bedrag stijgt doorgaans opnieuw per 1 januari en 1 juli, omdat de AOW is gekoppeld aan het wettelijk minimumloon. Hoeveel je precies overhoudt, hangt af van je woonsituatie en of je de loonheffingskorting laat toepassen.
Hoeveel AOW krijg je als alleenstaande in 2027
Ben je alleenstaand, dan ontving je vanaf 1 juli 2026 een bruto AOW van € 1.662,16 per maand. Dat bedrag vormt het vertrekpunt voor de aanpassing per 1 januari 2027. Daar komt vakantiegeld bovenop, dat je maandelijks opbouwt en in mei in één keer krijgt uitbetaald. Reken dus niet te vroeg met een vast bedrag. De definitieve cijfers volgen pas na de politieke besluitvorming over het minimumloon.
Hoeveel AOW krijg je als samenwonende of gehuwde in 2027
Woon je samen of ben je getrouwd, dan geldt een lager bedrag per persoon. Sinds 1 juli 2026 is dat € 1.139,39 bruto per maand, per persoon. Ontvangen jij en je partner allebei AOW, dan tel je dit bedrag simpelweg twee keer op. Heeft jouw partner de AOW-leeftijd nog niet bereikt, dan gelden er weer andere regels voor het gezamenlijke inkomen.
Zo beïnvloedt het minimumloon je AOW-uitkering
De hoogte van je AOW volgt automatisch het wettelijk minimumloon. Wanneer het minimumloon stijgt, dan stijgt jouw uitkering vrijwel altijd mee. Dat maakt de AOW een van de weinige inkomens die direct meebeweegt met de koopkrachtontwikkeling in Nederland. Voor 2027 wordt het minimumloon opnieuw tegen het licht gehouden, met een eerste concrete richting rond Prinsjesdag in september 2026. Houd er rekening mee dat een hoger brutobedrag niet automatisch hetzelfde nettovoordeel oplevert. Belasting, de premie Zorgverzekeringswet en de loonheffingskorting bepalen wat er uiteindelijk op je rekening verschijnt.

AOW-leeftijd 2027: wanneer ga jij met pensioen?
Goed nieuws voor wie in 2027 de pensioenleeftijd bereikt: de AOW-leeftijd blijft dat jaar gewoon op 67 jaar staan. Deze leeftijd geldt voor iedereen die geboren is tussen 1 maart 1957 en 31 december 1960. Pas vanaf 2028 gaat de grens omhoog naar 67 jaar en 3 maanden. Nadert jouw pensioendatum? Dan ontvang je ongeveer vier maanden van tevoren automatisch een brief van de SVB. In die laatste maanden kun je je AOW ook daadwerkelijk aanvragen. Wacht daar niet te lang mee, want een late aanvraag kan zorgen voor een vertraagde eerste uitbetaling. Wil je niet wachten tot de pensioengerechtigde leeftijd? Bekijk hier waar je rekening mee moet houden als je eerder met pensioen wilt.
Aanvullend pensioen naast je AOW: dit verandert er
Voor de meeste mensen is de AOW alleen niet genoeg om van te leven zoals ze gewend zijn. Aanvullend pensioen via je werkgever vult dat gat vaak grotendeels op. Let wel op: je mag de loonheffingskorting maar op één inkomen tegelijk toepassen. Kies je hierin verkeerd, dan loop je het risico dat je achteraf moet bijbetalen aan de Belastingdienst. Daarnaast verandert er de komende jaren het nodige in het pensioenstelsel zelf, doordat pensioenfondsen overstappen naar een nieuwe regeling. Dat kan invloed hebben op de hoogte en de uitkeringswijze van je aanvullend pensioen. Twijfel je over je persoonlijke situatie? Vraag dan gericht advies aan je pensioenfonds of een adviseur.
Wat je naast je pensioen nog meer kunt doen
Wachten op de definitieve cijfers is prima, maar je hoeft niet stil te zitten. Breng eerst in kaart hoeveel AOW en aanvullend pensioen je waarschijnlijk krijgt en vergelijk dat met je huidige uitgavenpatroon. Zo zie je snel of er een gat dreigt te ontstaan. Blijft er structureel geld over, dan kun je dat gebruiken om extra buffer op te bouwen voor onverwachte kosten. Heb je juist behoefte aan meer inkomen later? Overweeg dan om nu al gericht te sparen of te beleggen. Je kunt namelijk beter zo vroeg mogelijk beginnen met pensioenbeleggen. Zo ben je niet volledig afhankelijk van de hoogte van je AOW. Blijf de ontwikkelingen rond je pensioen in elk geval volgen om ervoor te zorgen dat je nooit voor verrassingen komt te staan.
Over de auteur
Rens Vestjens
Ik ben geen econoom. Geen financieel adviseur. Geen crypto-miljonair. Wat dan wel? Iemand die, net als jij misschien, dacht: “Hoe kan ik blijven genieten van kleine dingen, zonder dat geld telkens in de weg zit?” Op indeflatie.nl schrijf ik niet als econoom in driedelig pak, maar als nieuwsgierige Nederlander met een gezonde interesse in geld en slimme verdienmodellen. Ik ben iemand d...
Alle artikelen van Rens Vestjens






