Wat is inflatiecorrectie en mag het zomaar?

Het leven wordt steeds duurder als gevolg van inflatie (een toename van de hoeveelheid euro’s in omloop). Om een hoger prijspeil bij te benen, is er de inflatiecorrectie. In dit artikel lees je wat inflatiecorrectie precies is, of het zomaar mag en wat je er in de praktijk van merkt.

Inflatiecorrectie is een in de wet of in een overeenkomst vastgelegde aanpassing van prijzen die meestal jaarlijks plaatsvindt. Het doel is om de stijging van kosten door inflatie te compenseren. Je merkt deze correctie bijvoorbeeld in je huur, telefoonabonnement, salaris, belastingen of AOW.

Inflatie is letterlijk het “opblazen” van de hoeveelheid euro’s, met geldontwaarding als gevolg. Hoe meer de hoeveelheid euro’s stijgt, hoe minder koopkracht iedere individuele euro heeft. Dat is terug te zien in een stijging van de prijzen van veel producten en diensten.

Voor veel Nederlanders is inflatie niet meer dan een abstract percentage dat jaarlijks gedeeld wordt: de CPI van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Een verhoging van de huurprijs of het maandbedrag van een abonnement, om te corrigeren voor inflatie, is wél concreet voelbaar.

Inflatiecorrectie, mag dat zomaar?

Ja, tenminste als het is vastgelegd in de wet (bijvoorbeeld voor de AOW) of in een commerciële overeenkomst die je hebt afgesloten. Zoals een abonnement of huurcontract.

Er kan ook een inflatiecorrectie clausule opgenomen zijn in je arbeidsovereenkomst of CAO die bepaalt dat je loon jaarlijks automatisch moet meestijgen met het CBS inflatiepercentage.

Wat merk je concreet van inflatiecorrectie?

Er zijn veel concrete zaken waarvoor je jaarlijks of zelfs half-jaarlijks prijsaanpassingen kunt zien, zoals bijvoorbeeld: de inkomstenbelasting, AOW, werknemerspensioenen, alimentatie, salarissen, het minimumloon, huur, kinderopvang, en diverse abonnementen.

In het vervolg van dit artikel deel ik concrete voorbeelden van inflatiecorrectie.

De huur stijgt

Wanneer je een huurwoning hebt, staat er in je huurcontract vaak een “indexeringsclausule”. Daarin is vastgelegd hoeveel de huur ieder jaar verhoogd zal worden op basis van het inflatiepercentage. Soms is dit een vast percentage en soms is het variabel en afhankelijk van het inflatiecijfer van het CBS.

De inflatiecorrectie huur 2020 die is meegenomen in de huurverhoging van 1 juli 2020, was het CBS inflatiepercentage van 2019: 2.6%. Dit percentage is onderdeel van de maximale huurverhoging die verhuurders mogen opleggen aan huurders.

De kosten voor kinderopvang stijgen

Kinderopvang instellingen mogen jaarlijks hun uurtarief verhogen om te corrigeren voor de inflatie. Een kinderopvang instelling krijgt door inflatie bijvoorbeeld te maken met hogere kosten voor: huisvesting, energie, voeding en vervoer. Daarvoor mogen ze inflatiecorrectie toepassen.

Dit is ook opgenomen in het contract dat je aangaat als je, je kind naar de opvang brengt. Net als bij de huur is de inflatiecorrectie een onderdeel van de maximale stijging van de kosten voor opvang.

De alimentatie stijgt

Jaarlijks op 1 januari worden de wettelijk vastgestelde bedragen voor kinder- en partneralimentatie aangepast. Deze wijziging hangt af van de stijging of daling van de lonen en daarmee niet direct maar indirect aan de inflatie. Het Centraal Bureau voor de Statistiek berekent hoeveel de lonen gemiddeld gestegen of gedaald zijn en kijkt hierbij naar de ontwikkeling van de lonen in het bedrijfsleven, bij de overheid en in andere sectoren.

Het minimumloon stijgt

In de wet is het minimumloon en minimumvakantiebijslag vastgelegd. Deze wet bepaalt hoeveel een werknemer van 21 jaar minimaal betaald moet krijgen voor zijn of haar werkzaamheden. Voor jongere werknemers geldt een leeftijdsafhankelijk percentage hiervan als jeugdminimumloon.

Ieder half jaar wordt het wettelijke minimumloon, net als de alimentatie, aangepast aan de gemiddelde stijging van de salarissen. De inflatiecorrectie van het minimumloon is daarmee ook indirect.

Salarissen stijgen (soms)

Inflatiecorrectie van salarissen is voor werkgevers niet verplicht, behalve als dat op basis van de CAO is vastgesteld of is vastgelegd in het arbeidscontract. Bij veel bedrijven is inflatiecorrectie op een van deze twee manieren onderdeel van het beloningsbeleid.

Als dat niet het geval is, zou je een salarisverhoging van bijvoorbeeld 2% per jaar eigenlijk niet moeten zien als een verhoging van je loon maar puur een correctie voor de inflatie. Daardoor blijft je koopkracht in theorie hetzelfde, maar je gaat er niet op vooruit.

In onderstaande tabel afkomstig van CAO-kijker zie je de gemiddelde contractloonstijging uiteengezet per sector. Hieruit blijkt dat de lonen tussen de 1.75% en 3.5% verhoogd zijn. De gemiddelde inflatie zoals berekend door het Centraal Bureau Statistiek komt (tot nu toe) in 2020 op 1.30% en daarmee blijven de loonsverhogingen vooruit lopen op de geldontwaarding als gevolg van inflatie.

De AOW stijgt

De AOW wordt berekend als percentage van het eerder genoemde minimumloon en daarmee heeft een wijziging van dit minimumloon dus ook gevolgen voor de hoogte van de AOW-uitkering. Als het minimumloon stijgt, krijg je meer AOW. Net als het minimumloon wordt ook de AOW halfjaarlijks herzien op 1 januari en op 1 juli.

Werknemerspensioenen stijgen (soms)

Waar de AOW ieder halfjaar meebeweegt met de ontwikkeling van de inflatie geldt dit niet altijd voor de werknemerspensioenen. Voor veel gepensioneerden is AOW niet de enige bron van inkomsten en daardoor voelen gepensioneerden het in hun koopkracht als het overige pensioen niet stijgt.

Beleggingen van pensioenfondsen leveren, zeker sinds de financiële crisis in 2008, niet de benodigde winsten op. Daarnaast worden we tegenwoordig gemiddeld ouder en groeit dus het aantal gepensioneerden in verhouding tot het aantal werkenden.

Omdat pensioenfondsen door deze ontwikkelingen krap bij kas zitten, passen de meeste fondsen al geruime tijd geen jaarlijkse verhoging meer toe om te corrigeren voor inflatie.

Maandbedragen voor abonnementen stijgen

Een goed voorbeeld waar bijna iedereen mee te maken heeft, zijn de telefoon abonnementen. Telecom bedrijven hebben in hun contracten inflatiecorrectie clausules opgenomen, die bepalen dat ze ieder jaar in januari hun maandbedragen mogen corrigeren voor inflatie.

Hierbij gebruiken ze het inflatiecijfer van het CBS.

Belastingen en heffingen stijgen

Zowel de landelijke als gemeentelijke belastingen worden jaarlijks aangepast op basis van de ontwikkeling van de inflatie. Hiervoor is het CBS inflatiecijfer leidend. Voorbeelden van belastingen en heffingen die stijgen door inflatiecorrectie zijn:

  • Onroerendezaakbelasting (OZB)
  • Waterschapsheffing
  • Afvalstoffenheffing

Zoals je in dit artikel hebt kunnen lezen is er inflatiecorrectie om jaarlijks de hoogte van verschillende prijzen aan te passen om te compenseren voor de inflatie. Voor sommige aanpassingen wordt direct gebruik gemaakt van het CBS inflatiecijfer. Voor andere aanpassingen is dit indirect het geval omdat er wordt gerekend met de gemiddelde ontwikkeling van de lonen (die o.a. gekoppeld is aan inflatie).

Plaats een reactie